Onze dansen

Afhankelijk van het publiek wordt uit het repertoire van meer dan 100 dansen een selectie gemaakt. De ene keer wordt u verrast door de halsbrekende Horlepiep, een wilde zeelieden-klompendans, de andere keer vertederd door de romantische IJswals. Of u kunt zich verbazen over de kracht van de mannen als zij bij ‘De Gort met Stroop’ de meisjes hoog optillen. Tot de regionale klassiekers behoren de Veluwse Driekusman en de Hendriks Mazurka. Meerdere dansen uit het repertoire zijn van de hand van choreografe Elsche Korf. Uit eigen streek brengen wij dansen uit de Nijmeegse musical “De Oude Stad” (1985) ten tonele.

Vroeger en Nu
In onze moderne maatschappij wordt cultuur en vermaak in allerlei vormen op een presenteerblaadje aangeboden. En met een overvloed van TV-zenders hoeft iemand, die dat niet wil, de deur niet meer uit.

Vroeger waren al deze zaken nog niet beschikbaar voor de grote massa. Na het werk vermaakte men zich door zelf muziek te maken en te dansen. In de teksten van liedjes, de muziek en de dansen zijn vaak gebruiken en gebeurtenissen uit die tijd verwerkt.  Zo ontstond niet alleen een beeld van het leven uit die tijd, maar een volksdanscultuur met een grote regionale variatie. Met hun dansen en muziek houden de Pierewaaiers deze traditie in stand, maar wel met een eigentijdse invulling. Daar waar vroeger behouden en ingetogen werd gedanst, gaan bij de Pierewaaiers de benen regelmatig hoog in de lucht. De gebeurtenissen achter de dans worden op humoristische wijze uitgebeeld in de dans.

Weetjes

  • Streek- en vaak ook plaatselijk gebonden klederdracht had tot doel de saamhorigheid te bevorderen en zich te onderscheiden van andere dorpen en streken. Kinderen hadden vaak een eigen kostuum en je kon ongehuwden, weduwen en weduwnaars aan hun kleding herkennen.
  • Wat voor klederdracht geldt, geldt ook voor de klompen. Aan de klomp was te zien waar iemand vandaag kwam, maar ook welk beroep hij had. De veenwerker in Drenthe droeg een zeer brede klomp om te voorkomen dat hij wegzakte in de drassige grond. De zware steenzettersklomp was aan de bovenkant 3 centimeter dik waardoor de klomp gebruikt kon worden als draaipunt voor een koevoet om de zware stenen te verplaatsen. Vissersklompen waren te herkennen aan de scherpe punt aan de voorkant. Die punt staken de vissers bij het boeten van de netten door een van de mazen, waardoor ze het net konden spannen.

Zoals de klomp en de klederdracht, onderscheidden streken en dorpen zich van elkaar door hun klompendansen. Meestal werden ze ingetogen gedanst om te voorkomen dat je een klomp zou verliezen. (Bron: Holland en de Hollanders door D.de Boer)

 

De Nederlanders dansen van oudsher reeds op klompen. Daarnaast waren de klompen het schoeisel voor dagelijks gebruik. Omdat de klomp zo’n belangrijke plaats in het dagelijkse leven innam, ontstonden er een flink aantal spreuken waarin de klomp een rol speelde.